Achtergrondinformatie

In de Turkse Grondwet en het Turkse Burgerlijke wetboek wordt de gelijkheid tussen man en vrouw zowel wettelijk als in de praktijk geaccepteerd. In vergelijking met de vrouwen uit de omringende Islamitische landen waar de Islamitische wet (Sharia) wordt gehanteerd, heeft de Turkse vrouw op sociaal en juridisch gebied een voorsprong. De vrouwen in de steden en in West-Anatolië zijn in toenemende mate individuen geworden.

Ondanks dat de vrouwen uit Oost- en Zuidoost-Anatolië, de wetten omtrent de gelijkheid van man en vrouw hebben geaccepteerd, vormen de tradities en gebruiken een obstakel om de gelijkheid in praktijk te brengen. Nadat het Nieuwe Turkse Burgerlijke Wetboek van kracht is geworden, heeft de Turkse vrouw die in de stad woont of werkt, op een vergelijkbare wijze als de vrouwen in de Europese Gemeenschap kunnen profiteren van de toepassingen van het Nieuwe Turkse Burgerlijke Wetboek. Maar in de uitvoering ervan zijn nog gebreken gebleken. In Oost- en Zuidoost-Anatolie is dit verschil in de wet en de uitvoering ervan nog groter.

Echter, als men naar de situatie van de vrouwen in de omringende islamitische landen kijkt, ziet men dat zij met nog schrijnendere omstandigheden te maken hebben. Turkije heeft in het kader van de onderhandelingen met de Europese Unie voor het kandidaatslidmaatschap, de hedendaagse wijzigingen ten aanzien van de gelijkheid tussen man en vrouw in de Grondwet, Burgerlijke Wet en Strafrecht doorgevoerd. Naast de laatsgenoemde wijzigingen, is ook in 1985 de CEDAW overeenkomst getekend. Deze overeenkomst voorziet in de gelijkheid tussen man en vrouw op het gebied van onderwijs, arbeid en op sociaal en politiek vlak. De juridische basis voor de gelijkheid tussen man en vrouw is in de Turkse Republiek gelegd. Het streven is nu dat deze gelijkheid in het hele land zonder enig gebrek toegepast gaat worden.