Religieuze verplichtingen met betrekking tot nalatenschap

Tot de volmaaktheden van deze wetgeving behoort het bepalen van het erfrecht door de hoogste wetgever. Hoe verfijnd en geciviliseerd een maatschappij ook mag zijn, toch blijft er een probleem ontstaan in het rechtvaardig verdelen van de erfporties. Dit komt door gebrek aan kennis van de werkelijke samenstelling van de familie, de juiste familieverwantschap, de mate van genegenheid en de veranderlijke emoties die daarmee gepaard gaan. Dit zijn allemaal zaken die Hij alleen weet, de Schepper van de mensheid en de Kenner van de geheimen daarvan.

Is het niet duidelijk hoe de oude en nieuwe wetgevingen omtrent het verdelen van de nalatenschap verward zijn en tegenstrijdig met de maatschappelijke rechtvaardigheid, de huwelijkse staat en de morele waarden tegenspreken?

De oude Egyptenaren bepaalden dat de wijste zoon van de erflater zijn plaats inneemt in het bewerken van het land met uitsluiting van alle andere kinderen. De Chaldeeėrs, de Syriėrs, de Assyriėrs en de Phoeniciėrs plaatsen de oudste zoon als erflater op de plaats van zijn vader. Indien er geen oudere zoon is, dan neemt de wijste mannelijke familielid zijn plaats in. Daarna volgen de broers, dan de ooms van vader's zijde en zovoort tot aan de schoonzonen en de rest van de familie.

De Joden hebben de zoon als enige erfgenaam toegewezen. Niemand anders erft samen met hem zodat de nalatenschap binnen de familie blijft. Indien er geen zoon is, dan de zoon van de zoon. De dochter en haar kinderen erven slechts indien er geen zoon van de zoon is.

De Franse wetgeving geeft de voorkeur aan de wettige kinderen, dan de nakomelingen, dan diverse bekenden en uiteindelijk de niet-wettige kinderen. Dan is er de Engelse wetgeving, die de mannelijke erfgenamen voorrang geeft boven de vrouwelijke en de oudse zoon boven alle anderen en de zoon van de zoon boven de dochter.

Aangezien de Mudaouanat El Osra het laatste bastion is van de Islamitische wetgeving in de Marokkaanse wetgeving, zijn de teksten over nalatenshap daarin een uitleg en verduidelijking van hetgene in de Heilige Koran staat, aangezien de wetgever met betrekking tot het erfrecht Hij is, de Ware, Geprezene.

Wij dienen slechts deze goddelijke zaken uit te voeren, dat wil zeggen iedereen het recht geven dat hem of haar toekomt. Er rest nog wat geschil bij sommige onwetenden omtrent het laten erven van de vrouw. Het antwoord daarop is dat de religieuze wetgeving vier instanties kent waarbij de man meer erft dan de vrouw en tien instanties waarbij de vrouw meer erft dan de man. In sommige gevallen erft de vrouw gelijk aan de man.